Wat is Theosofie

Some Theosophical Ideas

De Belgische Theosofische Vereniging (BTV) is een ledenorganisatie, afdeling van een wereldbroederschap – de International Theosophical Society – met hoofdkwartier in Adyar, Chennai, India.

De moderne theosofie stelt dat het bestaansveld meer omvat dan de materiële en voorbijgaande werkelijkheid die wij met onze zintuigen kunnen waarnemen. In feite zorgt het gebrek aan kennis over de hogere aspecten van de werkelijkheid ervoor dat we de dingen vanuit een beperkte invalshoek zien, hetgeen de grondoorzaak is van lijden. Wij kunnen kennis verwerven van het Werkelijke, zowel in het universum als in de mens, door middel van een alomvattende spirituele praktijk die gebaseerd is op studie, meditatie en liefdevolle dienst aan alle levende wezens.

Grondgedachten

Hieronder volgen enkele ideeën die de Theosofische literatuur ter overweging aanbiedt. De Theosofische Vereniging vraagt haar leden echter niet om ook maar enige van deze ideeën in het bijzonder aan te hangen. Van de leden wordt alleen verwacht dat zij het eens zijn met de Drie Doelstellingen van onze organisatie:

  • Achter al het zichtbare en onzichtbare staat een eeuwige, grenzeloze en onveranderlijke absolute Werkelijkheid, die buiten het bereik van het menselijk denken ligt. Zowel materie als bewustzijn (of geest) zijn de twee polaire aspecten van deze Werkelijkheid.
  • Theosofie postuleert een cyclisch universum. Een universum manifesteert zich, ontwikkelt zich, en lost weer op in de absolute Werkelijkheid. Na een periode van kosmische rust, verschijnt er weer een nieuw universum.
  • Aangezien alles voortkomt uit (of zich manifesteert binnen) deze ene Werkelijkheid, is er slechts één gemeenschappelijk Leven dat het gehele universum doordringt en in stand houdt. Elke vorm van leven is een uitdrukking van deze Eenheid.
  • Het zichtbare universum is slechts het meest verdichte deel ervan; het hele universum bevat ook onzichtbare dimensies of bestaansgebieden van uiterst ijle soorten materie-energie die het fysieke bestaansgebied doordringen.
  • Theosofie postuleert een universum met een doel. Het gehele systeem, zichtbaar en onzichtbaar, is het toneel van een groot evolutieschema, waarin het leven zich beweegt naar vormen die een steeds verfijndere expressie toelaten, een steeds ontvankelijker bewustzijn en een steeds meer verenigd en gerealiseerd bewustzijn.
  • Er zijn geen mechanische wetten. Het universum wordt doordrongen door een niet-antropomorfe intelligentie, die zowel immanent als transcendent is. Daarom ligt intelligentie aan de basis van alle natuurwetten. Tegelijkertijd zijn er geen bovennatuurlijke wonderen mogelijk. Zoals H.P. Blavatsky zei: “Godheid is Wet.”
  • Het menselijk bewustzijn is in essentie identiek met de ultieme Werkelijkheid, die Ralph Waldo Emerson de “Overziel” noemde. Deze ene opperste Werkelijkheid, die de wortel is van ons werkelijke Zelf, wordt gedeeld door elk van de individuele wezens, zodat wij wezenlijk met elkaar verenigd zijn.
  • De geleidelijke ontplooiing van deze latente goddelijke Werkelijkheid in ons vindt plaats over een lange periode door het proces van reïncarnatie, dat een aspect is van de cyclische wet die overal in de natuur te zien is.
  • De cyclus van reïncarnatie wordt beheerst door de wet van oorzaak en gevolg. Zoals de Heilige Paulus zegt: wat wij zaaien, zullen wij onvermijdelijk oogsten. Dit is de wet van karma waardoor wij ons eigen lot door de eeuwen heen weven. Het is de grote hoop voor de mensheid, want het geeft ons de mogelijkheid onze toekomst te scheppen door wat we in het heden doen.
  • De menselijke pelgrimstocht voert ons van de Bron, waarin we een onbewust deel zijn van het Ene, voert ons door de ervaring van het vele, om ons uiteindelijk terug te brengen in eenheid met de Ene Goddelijke Realiteit, maar nu in volledig bewustzijn. Ons doel is dus de kosmische cyclus van manifestatie te voltooien, waardoor we een volledig bewust besef van onszelf bereiken als een integraal deel van het Ene, niet langer gepolariseerd tussen bewustzijn en materie, of verdeeld in zelf en niet-zelf. Deze realisatie noemen we Verlichting.